De Gandharbas

Nepal -

Tijdens een avondwandelingetje door het toeristenvacuϋm van Kathmandu, ons welbekend als de Hel van Thamel, word je meermaals aangespoord tot het openen van je buidel voor de aankoop van de uiterst onmisbare tijgerbalsems, pashmina sjaals, opiumderivaten en andere randapparatuur die de blanke man schijnbaar niet mag missen. Gelukkig bouw je vrij snel een zekere immuniteit op voor deze aggressieve verkooptechnieken, zodat je met een vrijwel ongeschonden buidel je hotelcel bereikt.

Op één zo’n avondwandelingetje werd ik aangenaam verrast door een uitnodiging voor een gratis (?) concert. Ik dacht nog “eerst zien dan geloven” en volgde de jongeman naar het lokaaltje van de Gandharbas Culture and Art Organization op twee hoog. De gandharbas zijn een kaste (in het officieel kasteloze) Nepal. Zij zijn de barden, de muzikanten, de instrumentenmakers. En ja, je kan de repetities en concerten gratis bijwonen. Omdat een zekere Patrick Maton voor hen reeds een webstek uitwerkte, ga ik hier niet veel verder op in. Ik zou zeggen, ga eens kijken bij Gandharba Culture and Art Organization en, ben je in Kathmandu, spring eens binnen. Ze verkopen – op uiterst non-agressieve wijze – hun leuke CD met Nepalese volksmuziek.

Mañana, of The Hammock Book Reviews

Nepal, Chitwan -

(ochtend) Mooi hier he. Ja. Heel mooi. Straks naar het dorp. Ja. Is goed. Nog even hangmatten. Oh. Straks mag ik in de hangmat he. Ja. Ok. (middag) Wil je de hangmat. Ja. Straks misschien even naar het dorp. Ja. Is goed. (avond) Zullen we nu nog naar het dorp. Of morgen. Morgen kan ook. Laten we morgen. Ok. Doen we. Wil jij terug in de hangmat. Nee. Ik ga even op bed liggen. Dutje doen. Nee. Gewoon even liggen. Ok. Tot straks poekie. Tot straks poekie. Mooi hier he. Ja. Heel mooi.

Kanik Mani Dixit / Adventures of a Nepali frog W.E. Bowman / The ascent of Rum Doodle William Sutcliffe / Are you experienced? David Reed / The Rough Guide to Nepal DBC Pierce / Vernon God Little James Gleick / Chaos : making a new science Kahlil Gibran / The prophet Albert Einstein / Ideas and opinions Sheldon B. Kopp / If you meet the Buddha on the road, kill him! : the pilgrimage of psychotherapy patients

Op wolkjes

Nepal, Pokhara -

Dag vier ga ik een kijkje nemen. Ik hoor al dagen verslagen over inversie, 360, 180, S-bochten en thermiek. Wilde verhalen over concentratie en avontuur. Ik ga dus maar eens een kijkje nemen. De jeep wringt zich in alle bochten naar de bergtop bij Sarangkot. En daar staat ie dan, mijn piloot in spe, mijn superheld, Captain Courageous, boven op de berg omgeven door 8000ers, ver onder ons Phewa Tal. Hij rent vooruit met in zijn kielzog een web van draden en een zeil van hoop. Enkele tellen later is hij één met de lucht en de roofvogels. Wat begon als een verkenningstocht, een proeverij, is ontaard in een streven naar meer: HET attest, vrijgeleide voor verdere vliegpret. Ik blijf op de berg en aanschouw het wonder der aërodynamica, de overwinning op de zwaartekracht. Kees zweeft, Kees glijdt, maakt rondjes, S-bochtjes en landt bijna perfect – één schoen in het natte rijstveld.

Ik hou mijn voeten op de aarde, maar loop op wolkjes tijdens de afdaling van Sarangkot. Het stenen trappad loodst me langs dorpjes, stilstarende buffels, postkaartzichten en lachende kinderen hongerend naar chocola. De blakende zon belet jammer genoeg zulke kadootjes. Ik neem tijd voor een terrasje onderweg en daal langzaam af naar Lakeside.

Terwijl Kees de trucjes van de thermiek verder onder de knie en in de glider krijgt, ga ik drie dagen mediteren. Kundalini, vipassana, no mind, alle gibberish eruit, de chakra’s netjes op een rij tot de spirituele sapjes lekker pruttelen boven het zachtje vuurtje van mijn ziel. Zalig zweven we de dagen door. Nog even en dan gaat het terug richting Chitwan National Park voor een olifantendouche – koud of warm, dat wordt lachen!

Kali Gandaki

Nepal, Kali Gandaki -

En hop! Mijn benen vliegen de lucht in, alle evenwicht is zoek. Voor ik het goed en wel besef moet ik me overgeven aan de genade van de kolkende Kali Gandaki rivier. “Man overboord!”. Ik weet nog dat ik dacht “Kali krijgt me niet klein!” en in een fractie van een seconde haal ik de veiligheidsdril voor de geest. Ik draai me op mijn rug, klem mijn peddel stevig tussen zwemvest en oksel, kijk uit voor rivierrotsen en wacht op de reddende handen van de ploegmaten. Een lachende zucht van opluchting verschijnt op mijn gelaat. Oef! Na deze doop vloeit alles vlotter. Met plezier en vol verwachting kijk ik uit naar de volgende versnelling, de volgende kolk. De adrenaline van de actie, het temmen van de oerangst, dreunt door mijn doorweekte lijf. Een met de kracht van het water. We peddelen in de maat van de watermuziek, dansen op het ritme van het raft.

Paul en Steve (UK), Kate en Pauley (NZ), Kees en ik en onze Nepalese kapitein Wild Purna heersen over het raft. Santos, Kali en Shalik loodsen het voorraadvlot en de redderskayak. Samen brengen we drie dagen door op de Kali Gandaki en haar oevers. We glijden door prachtige ravijnen, langs sprookjeswatervallen en vinden ‘s avonds een paradijselijk strand voor het heldenkamp. Langs de oevers, uit de jungle en vanop de loopbruggen klinken de “namaste”s van de kinderstemmetjes. Ver weg van het stadscircus passeren we dorpjes waar geen bus ooit komt, waar dragers tien uur stappen om voorraad in te slaan, waar Nepal nog iets Nepaleser is. We zwaaien met de peddels, lachen naar de dorpelingen, zoeken de vogels en apen en worden vrolijk van de pracht.

Het is in deze gezellige “Dag wereld!” stemming dat we een kiezelstrand passeren waar een groepje dorpelingen is verzameld. We geven onze aardvrienden uit volle borst onze beste “Namaste!”. Ze staren ons aan. Hier klopt iets niet. Een man lijkt bedeesd terug te zwaaien, of jaagt een vlieg weg van zijn gelaat, dat is niet helemaal duidelijk. Hier klopt iets niet. En dan zien we de tenen van het lichaam. Gehuld in een paars doek ligt op een bedje hout het lijk te wachten op de vlammen. We proberen nog een stamelende “sorry”, maar de rivier heeft ons al voortgedreven en de echo van onze groet is slechts stof in de wind. ‘s Avonds bij het kampvuur smeren we de kelen met bier en de zangmachine komt op gang. In de verte drijft langzaam de as van een man naar de heilige Ganges. De laatste groet heeft hij gehad.

Deugd en dollars

Nepal, Pokhara -

De bus vindt een precaire balans tussen rots, ravijn en rivier en hobbelt na 8 uren het buspark van Pokhara binnen. De lekke band en de twee gekantelde wrakken in de berm onderweg takel je veilig naar een hoekje in je selectieve geheugen, anders ga je nooit meer ergens heen. Lakeside Pokhara is de pretpleister van Nepal. Een rondje roeien, een lijntje vissen, waterzeilen, luchtzeilen, discoyoga, cocktailfietsen, megatrekkings en minitochtjes, het kan hier allemaal. U vraagt, wij draaien!

Laat het nou net ons beider verjaardag zijn en laten we nou net een verlanglijstje klaar hebben, dus draaien maar! – een stevige straal warm water uit een douchekop en of ligbad – een tropisch wit maatpak – een streepje natuurschoon – een oase van luie luxe op comfortabele oogklepafstand – een klaar is kees-alternatief voor de lavabowasjes – wijnproeven en blijven proeven

We verwennen onszelf en elkaar. Het is een bad van deugd en dollars.

Roze bril

Nepal, Pokhara -

Plots ben je het zo zat. Je wordt aangesproken, aangekeken. “Hasj? Opium? Smoke?” of “Please ma’m lookie, no buy, only lookie!” of “me no food”. Je wilt je hoofd keren en snauwen naar het dealerjochie “Zie ik eruit als een junkie dan?”, naar de rimpelverkoopster “Neen, ik wil niet kijken naar jouw oud zilver!” of naar het bedelkind “Heeft je koning geen hapje voor je dan?” Iedereen knikt namaste. Iedereen wil wat van je.

Je bent de kassakoe, de miljonair. Waar je blij om mag zijn, waar je jezelf gelukkig om mag prijzen, wordt een bron van ergernis en ongemak. Je bent geboren in de eerste wereld, loopt lekker staatsgesponsorde vakantie in de derde wereld en haar hongerige blik irriteert je. Het is een doorn in het oog van jouw roze bril. Langzaam sijpelen de statistieken, de nieuwsberichten en de lessen wereldgeschiedenis door tot in alle vezels van je voelen. Jij bent geboren in het rijke westen en je bent de minderheid. Jij bent de welvaart en leeft de zonnige kant van de medaille. Jij bent munt, de ander kop van jut.

Plots ben je het zo zat. Je staat op, kijkt in de spiegel en stelt jezelf de vraag “Zou je met hen willen ruilen?”. Van achter de roze bril bengelt ongemakkelijk de traan van onmacht. Het stille antwoord op een retorische vraag.

Het lied van de krekel

Nepal, Kathmandu -

Chitwan National Park. Ontwaken met de dreunen van de olifanttrompet. Tussen krokodillen in een holle boomstam de jungle binnendrijven. Wandelen in het nest van neushoorns, vogels en apen. De koning te rijk bovenop de olifant schommelend door het groen. Urenlang wiegen in een hangmat bij ons LunTara hutje in het bos, blik op de einderbergen. Urenlang keuvelen bij glaasjes witte wijn en kaarslicht. Urenlang boeken verslinden in het zonnegras. Jack Kerouac, William Sutcliffe en de chaostheorie vliegen door de vingertoppen. Het lijkt wel logeren in een voliere, Out of Africa in het oosten. Waar het nachtelijke lied van de krekel je langzaam wegvoert in een droom ver weg van je klamboebed. Om opnieuw te ontwaken met een slurfconcert. Dit is het leven aan nul per uur. Dit is stilvallen aan de pomp. Perfect timing.

Piekmomenten

Tibet, Yamdrok Tso -

De monniken van het Ganden klooster geven het startschot voor onze wandeling op het Tibetaanse plateau – 60 km van Ganden naar Samye op 4 stapdagen. De yakhoeder op zijn katoenen gympies en de taaie yaks walsen moeiteloos door de ijle lucht en het ruwe terrein. Wij daarentegen moeten elke zoveel stappen met schreeuwende longen halte houden om naar adem te happen en het bonkende hart rust te gunnen. Het is allemaal net iets te steil, te stenig en te hoog. De vooropgestelde 4 tot 5 dagelijkse stapuren worden er al gauw 8. Uitgeteld vallen we ‘s avonds in een vriesvaktent, dankbaar om de welgekome warmte van het ganzenbedje. Vooral op dag twee, langs een steil sneeuwpad, moeten we de limieten van ons uithoudingsvermogen verkennen en reserves aanboren waarvan we niet eens wisten dat we ze hadden. Verkleumd, tandenknarsend maar lichtjes euforisch halen we de Shung Pass op 5250 meter. Vanaf nu gaat het alleen nog bergaf. Ja! En we leven nog. Dubbel ja!

Lees verder…

Adembenemend

Tibet, Lhasa -

Ik kijk vol verwachting uit naar een eerste glimps van Tibet. Het wolkenveld breekt open en mijn geduld wordt beloond met een postkaart uit het vliegtuigraampje Na een trapklim naar twee hoog staan we puffend in onze hotelkamer. Mijn lichaam begint te beseffen dat er iets niet klopt. Om de paar minuten happen de longen naar lucht. Het wordt licht in mijn hoofd en wankel in de benen. De mensmachine draait op een zuurstoftoevoer van 68% en dan kan je de band beter even stilleggen. Ik slaap, rust en doe alles in slow motion.

Het verplichte rondje Lhasa brengt ons naar de machtige Pottala. Ik zag nooit zoveel boeddha’s en beschermgoden in 1001 manifestaties met evenveel armen en ogen. Eens het winterpaleis van de dalai lama’s, nu een Chinees museum, het is een indrukwekkende en prachtige plek. Ook de Johkang tempel en het Sera klooster staan op het lijstje. Het ene oord al heiliger dan het andere voor de talloze diepgelovige Tibetaanse pelgrims. Van alle windstreken doen ze, getooid in kleurrijke klederdracht, te voet of per truck een pelgrimstocht langs de heilige huisjes van hun geloof.

Lees verder…

Constant contrast

China, Chengdu -

Een straatventer met een sikje tovert vredig stilletjes een Chinese melodie uit een mysterieus snaarinstrument. Een jongeling met trendy kapsel kan maar niet kiezen uit het gigantische aanbod ring tones voor z’n gloednieuwe Nokia. Een meterslange schouderstok wordt zorgvuldig in evenwicht gehouden door met fruit gevulde bamboemanden, fietswinkels alom. Een gepoederd meisje flaneert elektrisch langs de winkelboulevards op haar geruisloze roze scooter. De Chinese grootstad is een constant contrast.

De oude Wang An Ting schudde ooit de hand van zijn grootste held Mao. Zijn stoffige huiskamer is tot de nok gevuld met bustes, badges en brolaria van de Grote Roerganger. Een reusachtig wit beeld van Mao blikt vooruit over het Tian Fu Plein, overschaduwd door torenflats en een monsterbouwwerf die nog meer hemelrijzend moois belooft. De eerste treinverbinding met het dak van de wereld is een feit. De Chinese vredesruimtemissie een absoluut succes, aldus bazuint CCTV tot in den treure. En uiterst langzaam duwt de oude man in het park zijn handpalm door de tai chi vorm, helemaal verdiept in de kern van zijn aandacht. Mc Donald’s en KFC naast de hotpot-tent en de kruidendokter. De buidel van de zakenman puilt van het geld, het bakje van de bedelaar rammelt een klaagzang. Het is een vreemde gewaarwording, een broos evenwicht tussen twee werelden.

Je loopt door de scenes van deze bizarre film en probeert elk beeld te registreren. Je tracht jezelf te plaatsen in deze menselijke mierennest. Dat lukt niet altijd. Dan keer ik terug naar de veilige oase van Sim’s Cozy Guesthouse of laat me culinair verwennen in Gourmet Exotique. De Leuvense kok presenteert filet pur met bearnaisesaus, sabayon en een blikje Belgam bij de koffie-met. Even wilde ik me thuis voelen, iets kennen als mijn broekzak. Een ontdekkingsreis naar de herkenning, een constant contrast.